Vertrouwenspersonen

De vertrouwenspersonen van de VGCt zijn Cecile Exterkate en Tom van der Schoot. Via het bureausecretariaat kun je contact met hen opnemen. VGCt-leden kunnen ook direct met hen contact opnemen via Vind Medelid.

Functie

De vertrouwenspersoon is een klankbordfunctionaris. Leden kunnen bij de vertrouwenspersonen terecht om advies en ondersteuning met betrekking tot problemen in de samenwerking met andere leden of de omgang met cliënten of hun omgeving. 

De vertrouwenspersoon werkt probleemgericht, hij/zji kijkt naar het proces, helpt het probleem te verhelderen en kan het traject tot het oplossen van het probleem helpen schetsen. Het is een vorm van dienstverlening aan de VGCt-leden. Formele klachtenprocedures kunnen door de inzet van de vertrouwenspersoon mogelijk worden voorkomen. 

Taken 

Begeleiding en ondersteuning van leden bij de behandeling van klachten inzake ongewenst gedrag door:

  • Zelfstandig op te treden als aanspreekpunt voor alle leden die een vraag of klacht hebben op het gebied van (mogelijk) ongewenst gedrag.
  • Een eerste opvang te bieden aan leden (mogelijk klager of beklaagde) die menen onjuist of onheus bejegend te zijn en daarover willen praten.
  • Klager/klaagster bij te staan, van advies te dienen en samen oplossingen te zoeken
  • Te onderzoeken of bemiddeling de geëigende weg is voor een oplossing, desgewenst de klager/klaagster door te verwijzen.
  • Klager/klaagster bij te staan en te ondersteunen bij het indienen van een klacht over de bejegening in een afhankelijkheidsrelatie bij de registratiecommissie of incidenteel bij externe opleidingsinstellingen of beroeps- of tuchtcolleges.
  • Het onderhouden van contact met klager/klaagster en met beklaagde nadat de klacht is afgehandeld.

De vertrouwenspersoon levert een bijdrage aan:

  • Een optimale kwaliteit van het verenigingsklimaat
  • Het bewustwordingsproces inzake (on)gewenste omgangsvormen door:
    • Voorlichting te geven over de taak, de werkwijze en het werkterrein van de vertrouwenspersoon aande leden.
    • Ontwikkelen van scholing, procedures, richtlijnen, voorlichtingsmateriaal e.d. over (on)gewenst gedrag en onheuse bejegening binnen de vereniging.
    • Ervaren knelpunten en klachten zelfstandig te registreren, te analyseren en te interpreteren.
    • Overleg te voeren met het bestuur, het College van Beroep, de registratiecommissie, accreditatiecommissie en het bureau om mogelijke oplossingen te verkennen.
    • In een jaarlijkse schriftelijke geanonimiseerde evaluatie van door leden ervaren knelpunten en van de activiteiten van de vertrouwenspersoon, beleidsadviezen te geven aan het bestuur ter preventie van nieuwe knelpunten.