Een mens raakt nooit uitgeleerd

Het gesprek met Ilona Maunder over de opleiding tot cognitief therapeutisch werker (cgw’er) verloopt vrolijk. Dat betekent niet dat ze geen serieuze boodschap heeft: hbo’ers zijn waardevolle medewerkers in de ggz en een CGW-registratie is niet alleen een investering in je werk, maar ook in jezelf.

Ilona werkt als coördinerend behandelaar bij Yulius, op locatie De Steiger. De Steiger bestaat uit een kliniek, een polikliniek en een dagbehandeling voor kinderen/jongeren en jongvolwassenen met autisme. Ilona maakt deel uit van het behandelteam van een van de klinische groepen (en werkt daarnaast een aantal uur bij de aanmelding, polikliniek en nazorg). Ook heeft ze een eigen praktijk, waar ze advies, begeleiding en coaching geeft aan jongeren met autisme.

“Hoe meer je kan en durft, hoe meer je vaak ook mág doen”
– Ilona Maunder

Interessante behandelingen

De opleiding zit er bijna op voor Ilona: aan het eind van deze zomer hoopt ze haar supervisietraject af te ronden en haar VGCt-registratie als cgw’er te krijgen. Voordat ze begon aan de CGW-opleiding was ze al ruimschoots bekend met cognitieve gedragstherapie (CGT). Veel van de geprotocolleerde behandelingen bij De Steiger zijn namelijk op CGT gebaseerd, zeker de individuele behandelingen. Wat voegt het dan toe om de CGW-opleiding te doen? Ilona aarzelt niet: “Heel veel! Het is goed om jezelf te blijven ontwikkelen. Vroeger vond ik het soms lastig om de praktijk te koppelen aan de theorie erachter. Die kennis heb ik nu wel. Het is heel fijn als je snapt waarom een regiebehandelaar een bepaalde interventie inzet. Ik heb daarnaast over CGT-technieken gehoord die ik helemaal nog niet kende. CGT is net een grote toolbox en voor iedere cliënt beslis je wat het beste bij diens situatie past.” Volgens haar krijg je als ggz-professional echter niet alleen meer theoretische bagage: door de opleiding kan je werk ook inhoudelijk veranderen. “Als je je als hbo’er verder ontwikkelt, word je ook zelfverzekerder in je werk. En hoe meer je kan en durft, hoe meer je vaak ook mág doen. Het is eigenlijk een mooie cirkel. Het maakt de weg vrij naar leuk(er) werk en interessante behandelingen.”

Ilona gaat ook elk jaar naar het VGCt-congres, om inspiratie en kennis op te doen. “Als ik op het congres ben geweest, kom ik thuis met pakken papier. Dan ben ik weer allemaal interessante nieuwe boekjes en folders tegengekomen.”

Het is duidelijk: Ilona wil graag een lans breken voor de cgw’er én voor de hbo’er. “Ik heb het idee dat hbo’ers steeds meer voet aan de grond krijgen. Zo zie je bij ons dat de meeste specialistisch ambulante behandelaren onderlegd zijn in cognitief gedragstherapeutisch of systemisch werken. Hbo’ers zijn ook best standvastige medewerkers, terwijl psychologen en orthopedagogen vaak verder gaan studeren en dan van baan wisselen.”


Supervisie

Ilona is, zoals gezegd, bijna klaar met haar supervisietraject. Ze realiseert zich dat er best een stevig prijskaartje aan het opleidingstraject hangt, maar ze pleit er toch voor om het niet alleen bij een theoretische basiscursus te laten. “Het supervisiedeel is goed voor je eigen ontwikkeling en daardoor verbetert ook de kwaliteit van je behandeling – en niet alleen mijn eigen behandelingen. Soms brengt mijn supervisor mij op nieuwe ideeën en die breng ik dan weer in bij mijn team en de regiebehandelaren.” Een andere reden dat Ilona het supervisietraject belangrijk vindt, is dat er naar haar idee nog te weinig VGCt-geregistreerde cgw’ers zijn. “Ik ken meerdere hbo’ers die graag het supervisietraject zouden volgen, maar die die mogelijkheid helaas niet krijgen. En dat heeft gevolgen. Zelf kon ik binnen mijn eigen organisatie eigenlijk geen geschikte supervisor vinden. Dat moet toch veranderen?” Ze is dan ook blij dat haar leidinggevende haar de kans heeft geboden om de hele opleiding, inclusief het supervisietraject, te volgen en ze hoopt in de toekomst zelf ooit supervisor te zijn.

Overal CGT

Op de vraag of ze CGT bij jongeren met autisme op een andere manier inzet, zegt Ilona van niet. “Misschien pas ik de taal wel eens aan. Sommige cliënten begrijpen metaforen niet, maar het is echt heel persoonsafhankelijk. Jongeren zijn bij ons gemiddeld tien maanden onder behandeling, dus als we na langere tijd merken dat iets niet helpt, stappen we bijvoorbeeld over naar acceptance and commitment therapy (ACT).” Door de opleiding is de basis van haar behandelingen wel iets anders geworden. “Ik maak vaker gebruik van de holistische theorie en een functie- en betekenisanalyse (FABA) Waar komen dingen vandaan en wat is passend voor deze cliënt?”

Denkt Ilona dat je CGT ook in andere domeinen dan de ggz kunt inzetten? Ze begint te grinniken. “CGT gebruik ik ook in mijn dagelijkse leven. Mijn kinderen zeggen wel eens: ‘Je zit niet op je werk, hoor’. Maar ik zie echt de kracht ervan. Ook al vind je iets naar of zit je in een rotsituatie, ik geloof dat het je kan helpen om anders te gaan denken.” Is dat niet makkelijk gezegd als een g-schema dagelijkse kost voor je is? Ilona beaamt dat meteen. “Natuurlijk. Mijn cliënten zeggen ook wel eens dat het superingewikkeld is om een gedachte om te buigen. Het begint er al mee dat je je eerst bewust moet worden van die gedachte. Een cliënt vertelde mij een keer: ‘Ilona, ik heb nu toch iets meegemaakt, dat valt echt niet om te buigen!’. We zijn toen samen gaan onderzoeken en het lukte om een helpende gedachte te vinden. Dat was heel leuk.”. En soms trekt Ilona er wat meer tijd voor uit: “Dan laat ik iemand lekker even chagrijnig zijn en proberen we het de dag erna weer.”

Door Hilde Bout – Het redactieadres